weekmaker
Uiterlijk
- week·ma·ker
- samenstelling van  week en  makerÂ
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | weekmaker | weekmakers |
| verkleinwoord | weekmakertje | weekmakertjes |
deâweekmakerâm
- (scheikunde), (materiaalkunde) een stof met een lage molecuulmassa die toegvoegd wordt aan een amorfe kunststof om het glaspunt ervan te verlagen
- Zonder weekmakers zouden veel kunststoffen niet verwerken en te bros voor gebruik zijn.Â
  1. Â
- Het woord weekmaker staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.