uiensaus
Uiterlijk
- ui·en·saus
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | uiensaus | uiensausen uiensauzen |
| verkleinwoord |
- een saus gemaakt van uien en met de smaak van uien
- De uiensaus in het recept vraagt wel wat tijd omdat de uien heel lang fruiten. Daardoor worden ze zoet en zacht. En geurig. Maar dat duurt dus wel even.[2]Â
- De uien moeten in net genoeg vocht en olijfolie smoren zodat ze mooi karamelbruin worden en niet aanbranden. Ik heb een zeer krachtige runderbouillon gebruikt, maar u kunt er kippenbouillon of zelfs water voor in de plaats gebruiken. Na 3 uur stoven u zult u ongeveer 5 deciliter uiensaus overhouden.[3]Â
  1. Â
- Het woord uiensaus staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "uiensaus" herkend door:
| 97Â % | van de Nederlanders; |
| 98Â % | van de Vlamingen.[4] |
- â Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- â Reformatorisch Dagblad Geertje Bikker-Otten 06-03-2017 Recept: jus zonder vlees
- â NRC Kim Maclean 11 januari 2001 PASTA MET UIENSAUS
- â
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 âWord Prevalence Valuesâ op ugent.be