Menselijk oog
| Oog | ||||
|---|---|---|---|---|
| Oculus | ||||
A - wenkbrauw B - bovenooglid | ||||
| Gegevens | ||||
| Orgaanstelsel | Zintuigen | |||
| Naslagwerken | ||||
| TA | A15.2.00.001 | |||
| Anatomische terminologie | ||||
| ||||


1. Anulus tendineus communis
2. M. rectus superior
3. M. rectus inferior
4. M. rectus medialis
5. M. rectus lateralis
6. M. obliquus superior
7. Trochlea
8. M. obliquus inferior
9. M. levator palpebrae superioris
10. Bovenste ooglid
11. Oogbol
12. N. opticus
M. Oogspier
Het menselijke oog is het zintuig dat gebruikmaakt van licht om beelden naar de hersenen door te geven. Mensen hebben altijd twee ogen, die in het gelaat op gelijke hoogte naast elkaar staan. Zij worden door de neusbrug van elkaar gescheiden.
Anatomie
[bewerken | brontekst bewerken]Er zijn zes oogspieren die het oog naar links, rechts, omhoog en omlaag kunnen draaien en ook in twee richtingen min of meer om de optische as kunnen roteren.
Het oog bestaat uit het eigenlijke oog, de oogbol, en de omliggende structuren, waaronder de oogspieren, oogleden, traanklieren, traanbuisjes en traanpunten. De verschillende onderdelen van het oog worden van voor naar achteren genoemd. De oogbol bestaat uit een tamelijk harde witte schil, de sclera of harde oogrok. Hierin bevindt zich een helder deel, de cornea, het hoornvlies. Het hoornvlies is aan de buitenkant met cornea-epitheel bedekt en de sclera met het bindvlies of conjunctiva dat ook overgaat in de bekleding van de binnenkant van de oogleden. Een contactlens kan hierdoor niet achter het oog terechtkomen. Achter de cornea bevindt zich de iris, het regenboogvlies, die de scheiding vormt tussen de voorste en de achterste oogkamer, die met dun waterig vocht zijn gevuld. De iris kan verschillende kleuren hebben: blauw, bruin, rood, grijs of groen. De ooglens zit achter de iris. Achter de lens bevindt zich een gelei-achtig lichaam, het corpus vitreum, het glasvocht of glasachtige lichaam. Achter het glasvocht ligt het netvlies of de retina.
De oogleden zijn aan de buitenkant bekleed met huid, aan de binnenkant met bindvlies. In het bovenooglid bevindt zich een beschermend stukje stevige bindweefselplaat, de tarsale plaat. Op de ooglidrand bevinden zich de wimpers en een kleine talgklier, in het bindvlies zijn ook traanklieren aanwezig. In de binnenooghoek bevindt zich op het boven- en onderooglid het traanpunt dat overtollig vocht door de traanbuisjes naar de binnenzijde van de neus afvoert.
Het oog heeft een gemiddelde doorsnee van ongeveer 2,5 cm en weegt gemiddeld 7,5 gram. De oogrok van een oog heeft een gemiddeld oppervlak van 17 vierkante cm. In tegenstelling tot de ogen van andere primaten is bij de mens ook het oogwit, de harde oogrok zichtbaar. Hierdoor is bij een mens gemakkelijk waar te nemen in welke richting hij kijkt. Als mensen elkaar in hun ogen aankijken spreken we van oogcontact, een vorm van lichaamstaal.
Zien
[bewerken | brontekst bewerken]Het hoornvlies, waarvan het bolronde oppervlak het voornaamste lichtbrekende element van het oog is, projecteert samen met de ooglens waarvan de verstelbare brekende functie voor de scherpstelling wordt gebruikt, een scherp, ondersteboven staand beeld op het netvlies. De lichtsterkte ervan wordt, net als bij een camera, geregeld door een diafragma. Bij de mens heeft het regenboogvlies de functie van diafragma. Kringspiertjes trekken dit afhankelijk van de lichtsterkte in meer of mindere mate dicht.
Op het netvlies bevinden zich lichtgevoelige zenuwcellen, die een signaal naar de hersenen afgeven dat afhankelijk is van de hoeveelheid licht op de plaats van de cel op het netvlies. Alle prikkels tezamen worden door de oogzenuw naar de hersenen getransporteerd, die er een beeld van maken.
Het signaal van het linker gezichtsveld van beide ogen gaat via het chiasma opticum naar de rechter occipitale hersenkwab, informatie van het rechter gezichtsveld gaat naar de linker hersenkwab. Beschadiging van het chiasma opticum kan leiden tot het uitvallen van de linkergezichtshelft van het linkeroog en de rechtergezichtshelft van het rechteroog. Aldus verkrijgt men het 'oogflap-effect': zoals waar een paard - om niet te schrikken van de bewegingen opzij - een lederen 'lasbril' opgezet krijgt waardoor enkel recht vooruit gekeken kan worden.
Het aantal cellen per oppervlakte-eenheid is niet overal op ons netvlies gelijk: in het midden bevinden zich per vierkante mm meer cellen dan aan de rand van ons netvlies. De plaats waar de concentratie cellen het grootst is, heet de gele vlek. Daar waar de oogzenuw zich bevindt, is geen plaats voor staafjes en kegeltjes. Die plaats heet de blinde vlek.
Het blikveld per oog is groter dan het gezichtsveld door het bewegen van het oog in de oogkas. Het totale blikveld is een combinatie van dat per oog. Wat men op een bepaalde plaats kan zien wordt verder vergroot door het draaien van het hoofd ten opzichte van het lichaam en door het draaien van het lichaam.
Blindheid is een visuele handicap, waarbij iemand een sterk beperkt of geen gezichtsveld heeft. Staar is een bekende oogziekte, maar die kan in veel gevallen door medisch ingrijpen worden verholpen.
Waarnemen van kleuren
[bewerken | brontekst bewerken]Niet alle zintuigcellen in ons netvlies zijn eender. Bepaalde zintuigcellen, naar hun vorm staafjes genoemd, zijn gevoelig voor alle kleuren zichtbaar licht. Andere zintuigcellen, naar hun vorm kegeltjes genoemd, zijn kleurselectief. We hebben drie soorten kegeltjes, die gevoelig zijn voor respectievelijk rood, groen en blauw. Ultraviolet kan ook met de kegeltjes worden waargenomen, maar de ooglens laat deze straling niet door, waardoor het netvlies beschermd is tegen deze schadelijke straling.
De combinatie van die drie kleuren stelt de mens in staat kleuren te onderscheiden. Doordat de krommen van kleurgevoeligheid niet steil zijn, maar langzaam verlopen wordt een kleur tussen rood en groen waargenomen met zowel de cellen die gevoelig zijn voor rood licht als de cellen die gevoelig zijn voor groen licht. Uit deze combinatie maken de hersenen op dat het om een kleur gaat die tussen rood en groen in ligt, dat het bijvoorbeeld oranje of geel is.
Waarnemen van diepte
[bewerken | brontekst bewerken]Wij kunnen in principe met één oog de wereld om ons heen waarnemen. Onze hersenen geven meestal door ervaring de juiste interpretatie voor afstand, voor diepte. Voor een echte diepteperceptie zijn twee ogen onontbeerlijk. De meeste mensen zien met twee ogen, waardoor zij in staat zijn tegelijkertijd twee iets verschoven beelden waar te nemen. Door deze parallax kunnen we de afstand tot wat wij zien inschatten: hoe verder iets van ons af staat, hoe dichter bij elkaar wordt het beeld daarvan op het netvlies van beide ogen geprojecteerd. Dit vermogen speelt vooral een rol bij het zien van diepte op korte afstand. Het is voor mensen die een oog hebben verloren daarom moeilijk om op korte afstand diepte te schatten. Door het bewegen van het hoofd kan een indruk worden gekregen.
Biologische klok
[bewerken | brontekst bewerken]Behalve de twee bekende receptoren, de retinale ganglioncellen, dat zijn de staafjes en kegeltjes, is sinds 2002 bekend dat er een derde niet-visuele receptor is, de intrinsiek lichtgevoelige retinale ganglioncellen, lichtgevoelige ganglioncellen, die melanopsine bevatten. Zij reageren op de blauwe korte golflengte van circa 460-465 nanometer, die in het daglicht aanwezig is. De ganglioncellen geven signalen aan de nucleus suprachiasmaticus af, die de centraal in de hersenen ligt. Dit is de biologische klok. Het orgaan regelt allerlei lichaamsfuncties door de aanmaak en afgifte aan de bloedbanen van diverse hormonen, zoals melatonine of cortisol. De aanwezigheid van daglicht heeft daarbij biologische invloed op het lichaam van de mens.
Emotie
[bewerken | brontekst bewerken]Van de menselijke ogen wordt ook wel gezegd dat het de spiegel van de ziel zijn. Emoties op het gezicht zouden het gemakkelijkst zijn af te lezen van de wenkbrauwen en de spieren rondom het oog. De snelheid van knipperen met de oogleden zou tevens informatie geven over iemands emotionele gesteldheid.
Oogbol
[bewerken | brontekst bewerken]- hoornvlies of cornea
- sclera, oogwit, harde oogrok
- bindvlies of conjunctiva
- voorste oogkamer
- iris of regenboogvlies
- uvea
- pupil
- achterste oogkamer of camera oculi posterior
- ooglens of lens cristallina
- lenskapsel of capsula lentis
- glasachtig lichaam of glasvocht
- vaatvlies of choroidea
- netvlies of retina
- gele vlek of macula lutea
- oogzenuw
- blinde vlek of papil
Organen
[bewerken | brontekst bewerken]- oogleden
- oogspieren
- traanklieren
- oogkassen of orbitae