Naar inhoud springen

brodeloos

Uit WikiWoordenboek
  • bro·de·loos
  • afgeleid van brood met het achtervoegsel -loos met het invoegsel -e-
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen brodeloosbrodelozerbrodeloost
verbogen brodelozebrodelozerebrodelooste
partitief brodeloosbrodelozers-

brodeloos

  1. zonder brood, zonder inkomen
    • Na het failliet gaan van zijn bedrijf bleef hij brodeloos achter. 
76 %van de Nederlanders;
48 %van de Vlamingen.[1]
  1. ↑ Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be